24 uur in het ritme

Als het op dinsdagavond na de training aan de bar sterke-verhalentijd wordt, komt hij altijd wel ter

sprake: de 24 uurs race van Gulbergen. Aan dat legendarische evenement wilde ik ook wel eens mee doen. Dus toen er in het voorjaar plannen kwamen om naast het sportteam ook met een funteam mee te doen, was ik er als de kippen bij. Ik hoefde mijn naam alleen maar op een lijst te zetten en Sven regelde de rest, perfect!

Een paar maanden en 300 WhatsAppjes later reed ik samen met Sytske op een zonovergoten

zaterdagmorgen het terrein van Gulbergen op. De meesten waren vrijdagavond al gearriveerd, dus we troffen een geweldig basiskamp aan, met geschakelde partytenten, 3  Tacx trainers en de helft van Jörs huisraad. Snel een kopje koffie in de zon, met dank aan onze onvermoeibare soigneuse Nicole, en het is al weer tijd voor de start. Bart Brentjens himself krijgt natuurlijk alle aandacht van de omroeper. Maar wie komt er vijf minuten later als eerste weer langs het startterrein gedenderd, voor alle profs uit? Een raket in een Tacx shirt genaamd Jör Koster!  Ook Timo, die voor het funteam het spits afbijt, doet lekker mee.

En dan begint het ritme. De flow van de 24 uur. Ik ben na Timo, Jelle, Roderick, Aliaksei, Sven, Ranhilde en Sytske de 8e en laatste rijder van ons team, en een rondje duurt zo’n 20 minuten dus het duurt nog wel even voor ik aan de beurt ben. Even eten. Fiets nakijken. Eens kijken hoe het er aan toegaat in de wisselzone. Nogal chaotisch, dus al snel wordt de wisselzone voor de 24u deelnemers verplaatst en apart van de 6u teams gemaakt. Goed geimproviseerd van de organisatie. Dan komt mijn rondje dichterbij. Hoe laat was de wissel? OK, dan moet ik maar eens gaan inrijden.

Op tijd bij de wisselzone zijn. Staren, zie ik een Tacx pakje? Ja. Ik pak de bidon aan van Sytske en begin aan mijn eerst Gulbergse rondje. Het terrein is zanderig, en afwisselend breed en bochtige singletrack, met ook wat stukjes asfalt. Door de verplaatste wisselzone ligt de berg nu niet meer aan het begin, maar aan het eind dus ik probeer nog een beetje over te houden. Dat lukt en met hoog tempo schiet ik flink wat mensen voorbij op weg naar boven. Een paar haarspelden naar beneden, een snel recht stuk daar is de wisselzone weer. Ik geef de bidon aan Timo en kan rustig naar de tent rollen.

Daar gaat het ritme weer verder. Uithijgen, uitrijden, langzaam lossen het zuur in mijn benen en de adrenaline weer op. De zon schijnt nog volop dus ontspannen ga ik met wat teamgenoten in het gras liggen langs het eerste stuk van de klim. Wat een enorm verschil zit er toch tussen de deelnemers! Kopje koffie drinken bij de tent, napraten met degenen die net hebben gereden. Als Sven terugkomt heb ik nog dik 40 minuten. Laatste hapje eten, even warmrijden en daar gaan we weer. Ik wissel zoals iedere keer foutloos met Sytske en ga op jacht naar mijn eerste rondetijd van 19:13. Daar zou ik het hele weekend niet meer aankomen, maar dat wist ik op dat moment nog niet. 19 minuten en 24 seconden later stuur ik Timo op pad en kan mijn hart weer langzaam tot rust komen. Dan weer ontspannen. De sfeer in de tent is gezellig, met steeds een andere bezetting. Iedere paar minuten komt er weer iemand terug of vertrekt er iemand richting wisselzone. Eén keer wordt er even gescholden als er in het sportteam iemand te laat is voor de wissel maar verder is het een vrolijke boel.

De 6 uurs race loopt af en het wordt rustiger op het parcours. Langzaam valt de schemer in, dus ik monteer en test mijn lamp. De eerste ronde in het (bijna)donker loopt lekker. Met de schemer komt ook de kou, dus de verwarmings-straaljager gaat aan, net als de beenstukken. Om half twaalf ’s nachts rijd ik mijn laatste rondje voor mijn vier uurtjes slaap. Dat gaat niet echt lekker. De wisselzone is weer teruggezet naar de originele locatie,dus de berg komt nu aan het begin. Bij het laatste stuk klimmen zakt alle kracht uit mijn benen en echt herstellen op de afdaling doet dat niet meer. Het stuk door het bos is aardig afzien, want in het donker is het moeilijker anticiperen op hobbels en kuilen, en ik mis de energie om ze netjes op te vangen. Na 21 minuten en 30 seconden is de conclusie duidelijk: snel in mijn tentje en slapen.

Makkelijker gezegd dan gedaan natuurlijk, en van de vier uur breng ik er maar eentje slapend door. Als ik het opgeef en maar naar buiten stap zie ik een heldere nacht met maan en sterren, en prachtige mist aan de grond. In de tent is het rustiger, de helft van de Spartanen slaapt en wie wakker is, is ook wat stiller. Vooral de mannen van het sportteam, die in de nachtploeg nog geen 40 minuten tussen hun rondjes hebben, zijn vooral met de race bezig. De verwarming begeeft het. Gas op. Tijd voor warme noedelsoep! Dat doet een mens goed. En dan maar weer fietsen. Ietsje inhouden want ik moet over een uur weer. Desondanks blijf ik ruim onder de 21 minuten, dus dat geeft wel weer wat moed. Ik ben door mijn dip heen. Kyro, die zich met moeite van de bank hijst als ik de tent inkom, zit er middenin. Zo heeft ieder zijn eigen ritme.

De routine zit er aardig in inmiddels. Met 4 graden buitentemperatuur wil je niet te lang wachten bij de wissels, en ben je heel blij dat er warmrij fietsen mee zijn. Goed op de klok kijken en met jas aan naar de start. Weer een lekker rondje in het donker, en weer een beetje sneller. Uithijgen, theedrinken en kletsen bij de elektrische verwarming die gelukkig mee is als back-up, en voor je het weet zit je weer op de Tacx. En op de fiets. Het begint langzaamaan weer licht te worden. Prachtige kleuren aan de horizon zijn te zien vanaf het topje van de berg. Genieten! En weer een paar seconden van de rondetijd af, dat gaat de goede kant op. Het is wel een fun team, maar toch wil iedereen zo hard mogelijk rijden. Hoe hard dat dan is maakt niet zoveel uit, maar iedereen zet zijn eigen doelen en doet z’n stinkende best om die dan te halen. In het sportteam wordt natuurlijk wel wat meer gekeken naar de stand, maar het is al snel duidelijk dat er dit jaar wat sterke concurrentie bijgekomen is, dus het podium is inmiddels uit zicht.

Als het licht wordt komt ook de andere helft van het team weer uit de slaaptenten, muziek gaat weer aan bij de start en het hele kamp komt weer tot leven. Ook Nicole is weer van de partij. De jonge honden in ons team (niet tegen de organisatie zeggen dat ze nog geen zestien zijn hoor!) schieten als hazewinden over het parcours, waarbij Timo zo snel is dat Roderick te laat bij de wissel aankomt. Al bellend met Roderick over waar ze dan moeten wisselen, sprint hij voor de tweede keer de berg op. Je zal daar maar rijden, na 20 uur, en ingehaald worden door iemand met een telefoon aan z’n oor!

Tegen elven begin ik aan een rondje, en ik weet wel dat dat het laatste is. Zelfs als Aliaksei - die last van zijn maag heeft - het voor gezien houdt, kom ik waarschijnlijk niet meer aan de beurt. Dus ik pers alles eruit om nog 1 keer onder de 20 minuten te rijden (mijn kleine zondagochtendobsessie). En dat lukt nog ook, met zes seconden. Helemaal blij kom ik terug bij de tent. Die wordt ondertussen onder leiding van Jor alvast opgeruimd en schoongemaakt. Iedereen heeft in alle hoeken en gaten inmiddels wel spullen liggen, dus een beetje op tijd beginnen met opruimen is geen slecht idee. Uiteindelijk komt dan toch echt het moment om de 24 uur af te sluiten. Weer op weg naar de wissel om op Sytske te wachten, maar dit keer met z’n zevenen. Met het hele team rijden we over de finishlijn. Wat een mooie race was dit! We nemen in de zon op het gras van de Gulberg een pilsje om het te vieren, en genieten nog even na.  Dan is het afbreken en wegwezen, omhelzingen en bedankjes, en vooral: volgend jaar weer!


Allard Katan

U bevindt zich hier: Mountainbikers Nieuws 24 uur in het ritme